Lien Van Droogenbroeck
Ontvlagd
Was ik een strandvlag,
ik koos geen kleur.
Te wispelturig.
Soms waai ik rood.
Mijn zee ramt,
kolkt koppig,
grijpt je bij de enkel
en smijt je het strand terug op.
Soms word ik geelrood.
Ook vlaggen wapperen S.O.S.
Af en toe wiebelt mijn stroom,
net als mijn humeur.
Gele vlag.
Zwemmen mag,
op eigen risico.
Meestal zwaai ik groen.
Mijn zee een tropisch bad,
een oermoeder die je baart,
klotsend het strand op wiegt.
Geen redders nodig.
Je drijft vanzelf weer boven.
Tot ik de vlag
met het vraagteken hijs:
het kind in mij gevonden,
drijfnat en stralend.
Geen vlag die dat dekt.
***
Vertienerd
We kijken naar het vogeltje.
Rimpels nemen pauze.
Puberteit komt uit pensioen.
De foto nu in kleur.
We knikken tegelijk.
We delen tenslotte gangen,
refter en tienerzweet.
We tikken als metronomen
en zingen als een orkest.
Een paar valse noten.
De blazers blazen die wel weg.
We lachen om anekdotes,
half verdampt.
We delen ze tot condens.
Zo krijgen ze weer vorm.
We grijpen de tijd
die even stil mag staan.
Vertienerd de nacht in. |